Team Unibet timmert aan de weg en resultaten blijven daarbij niet uit. Bij de laatste Unibet Open werd Marco Adams tweede, nadat hij in de headsup een grote chiplead verloor. Desondanks heeft de Tilburger er een goed gevoel aan overgehouden.
Marco Adams is dan een Tilburger, hij is inmiddels de landsgrenzen ontvlucht. Samen met zijn teamgenoten Tim van de Riet en Paul Valkenburg bewoont hij een mooi huis in de Tsjechische hoofdstad Praatg. Voor een familiefeest was hij afgelopen weekeinde even in Nederland en vlak voor hij weer terug op het vliegtuig stapte, spraken we hem.
Je was een beetje de onbekende naam van het team, maar inmiddels is dat met de tweede plaats tijdens de Unibet Open in Praag anders.
Nou, of ik nu helemaal bekend ben weet ik nog niet, maar vrienden en kennissen die me al een hele tijd niet hadden gesproken belden me ineens. Ze hadden via via toch gehoord wat ik had gedaan. Dat zijn wel leuke dingen. En in het pokercircuit weten ze nu tenminste wie je bent.
Is dat prettig in het pokercircuit?
Nou, je krijg een beetje erkenning. Ze hebben niet meer zoiets van: daar heb je weer zo’n jongen van het internet. Voor sommige mensen moet je je gewoon bewijzen. Niet dat per se hoeft voor mij hoor, maar je moet je toch maar bewijzen voor veel mensen. Pas daarna worden je capaciteiten doorgaans hoger ingeschat. En voor Unibet zelf ook natuurlijk. Als je in zo’n team wordt gevraagd wil je dat ook wel waar maken.
Geeft dat extra druk?
Nee, want Unibet is daar ook relaxed en informeel in. Maar je wil zelf gewoon heel graag presteren. Het is wel zo dat als je een groen jasje aan mag, dat je iets liever wil presteren. Ik heb er alleen nooit echt druk door gevoeld. Ook niet in Praag toen ik steeds verder kwam. Ik heb drukloos kunnen spelen, dus dat was wel prima.
Hoe verliep Praag?
De eerste dag ging niet heel soepeltjes.
Dat was een slagveld hè?
Ja, ze vielen met bosjes af. Ze hadden van de organisatie ook niet verwacht dat er zo veel zouden afvallen. Voor mij verliep het eigenlijk normaal. Beetje ups en downs. Ik kreeg geen megastack en moest moeite doen om mijn chips bij elkaar te rapen. Voor mij was het dan wel fijn dat ik uiteindelijk dag 2 haalde. Niet dat dat een doel moet zijn, maar bij de Unibet Open ben ik nooit verder dan dag 1 gekomen. Na die ene dag had ik gelijk al veel vertrouwen. Ik had het idee dat het mijn toernooi moest gaan worden. Het is geen achterafpraatje, want ik zei dat al na die dag tegen mijn teamgenoten. Ik stond er gewoon heel positief in. Het voelde echt perfect.
Op dag twee begonnen we met ongeveer 100 man nog. We moesten eerst nog het geld halen, maar ik had toen nog niet echt een stack, dus kon niet doorbeuken. Na de bubble vielen alle shorties gauw uit. Pas daarna kon ik zelf wat gaan beuken en dat ging aardig goed. Op zaterdagavond hebben we tot half vier gespeeld. Er waren nog twee tafels over. Toen ben ik echt als een maniak gaan beuken. Iedereen wilde maar de finale tafel halen. Ik ook wel natuurlijk, maar als je het minst bang bent, kun je gewoon veel chips oppakken. Dat was ik dan ook aan het doen. We zaten nog met zes man aan tafel en pakte ik potje na potje. Ik zat echt in een goede flow. Alleen het was echt heel laat, dus we stopten om half vier. Dat had twee kanten. Aan de ene kant was dat jammer, want ik ging zo lekker. Ik vroeg me af: Kan ik dat gevoel morgen weer terug krijgen? Aan de andere kant is het natuurlijk ook wel logisch.
Dan is het heel laat. Jij zit in een flow, maar merk je aan andere spelers dat ze het lastiger krijgen?
Ja, zeker. Je ziet gewoon aan mensen dat ze af en toe minder scherp zijn. Dat merk je wel. Daarom is het natuurlijk ook goed dat ze er mee stopten. Anders komt degene die het fitste is gewoon het verst. Ik had alleen nog wel een fijn gevoel. De adrenaline houdt je wel op de been.
Dan de finale, waar je samen met Olaf de Zeeuw zit, die tweede stond in chips.
Die ging eigenlijk best snel. Sneller dan verwacht. Ik kwam naast Olaf te zitten, hij zat rechts van me. Hij pakte eerst nog een potje en daarna opende hij under the gun, vrij groot en dan zie ik azen. Dan denk ik gelijk: dat kan vuurwerk worden. Het is een Nederlander, hij opent voor de tweede keer in vroege positie, dus hij zal wel een hand hebben. Dan denk je: oi oi oi, als dat maar goed komt. Want ja, je gooit liever eerst de anderen eruit en op het eind pas de Nederlander. Maar ja, hij reraiset weer en we komen allin en hij laat koningen zien. Dat is gewoon zuur voor hem. Er kwam geen koning. Met die pot was ik wel al een heel eind op weg. Feestvieren kon ook niet, want ik vond het wel kut voor Olaf. Ik heb vrij lang met hem aan tafel gezeten, hij is super sympathiek en we hebben veel gezellig zitten kletsen. Maar ja, nu stond ik aan deze kant, de volgende keer heeft hij misschien wel azen.
Daarna kon ik echt gaan stampen. Elke keer als ik opende met slechte kaarten, kreeg ik geen actie en als ik opende met goede kaarten wel. Daardoor dacht iedereen aan tafel dat ik echt alleen maar goede kaarten kreeg. Dat werkt dan ook in je voordeel. Ik had echt het gevoel de tafel aan te stampen. Ik heb er aardig wat uit kunnen gooien ook.
En dan begin je met een 3-1-voorsprong aan de headsup.
Het vertrouwen was groot ja. In het begin ging het nog redelijk gelijk op, maar daarna niet meer. Elke keer als ik opende hitte ik echt niks. Ik heb nog een paar blufs eruit kunnen peuren, maar als je gewoon niks hit en je tegenstander hit steeds wel, dan is het lastig spelen. Hij zei ook achteraf dat hij redelijke handen kreeg. Dat is wel jammer, maar ik kan wel terugkijken op een goed toernooi. Op het moment zelf baalde ik wel natuurlijk. Die winnaarsmentaliteit heb ik wel. Pas later komt het besef wat je hebt gedaan en dan kun je er ook vrede mee hebben.
Het was je eerste cash in een Unibet Open. Daarmee heeft nu heel Team Unibet een keer gecasht. Hoe vinden ze dat daar.
Daar zijn ze erg tevreden mee. Maar ze zijn vooral blij dat het zo goed met ons onderling gaat. Dat we vrienden zijn geworden. Dat is wat ze wilden ook.
Hoe is dat eigenlijk? Je bent als cashgamer ineens maar in een toernooiteam gezet. Dat is een heel andere discipline.
Ja, klopt. Het gaat allemaal wel erg snel, ja. Mijn eerste toernooi was in Madrid, waar Tim van de Riet tweede werd. Dat is een heel nieuwe ervaring, omdat je eigenlijk alleen gewend bent om online te klikken. Dat is wel een omschakeling. Dat gaat me wel vrij goed af, heb ik het idee. We bespreken ook veel handjes onder elkaar. Wij doen het als team wel goed toch. Ook online spelen we nu weleens gezamenlijk toernooien en dan delen we percentages. Met cashgames kan het niet, allemaal aan dezelfde tafel, maar met toernooien wel.
Tegen elkaar moet dus alleen in de Praagse homegames. Daar gaat het er wel hard aan toe of niet?
We hebben een paar keer een homegame gespeeld, meer voor de fun en om elkaar wat dissen. Dat gaat ook niet om bedragen die er toe doen. Gaat nergens om eigenlijk.
Met Tim heb ik in Vegas wel aan de cashgame gezeten, en met Daniël. In het begin ging het wel serieus nog en zochten we elkaar niet echt op. Maar op een gegeven moment had ik koningen en vond Tim het nodig om me allin te 4-betten met 9-7 en die won hij dan uiteraard. Dat zijn van die leuke dingen. Toen kon ik er niet hard om lachen, maar achteraf wel. Dat is onderling gewoon echt leuk. Het gaat dan niet om het geld, maar om het plezier. En zo hoort het ook, zo ben ik ook begonnen. Niet omdat ik geld wilde verdienen, maar gewoon omdat ik het een leuk spelletje vond.
Hoe lang is dat al geleden?
Hmm, omdat je zoveel dingen doet, ga je de tijd een beetje vergeten. Ik denk een jaar of vier. In eerste instantie zat ik nog op school, in de pauze, miste ik ook lessen, omdat ik freerolls aan het spelen was. In het begin wist ik niet eens wat het was, ik deed maar wat.
Wanneer kwam dan het moment dat je dacht: hee, ik kan hier serieus geld mee verdienen?
Op een gegeven moment had ik een Neteller-account aangemaakt. Ik had wel een redelijk bankroll toen en cashte wat uit. Trots naar huis. Mijn ouders waren er ook nog wat sceptisch over. Dan leg je het geld op tafel en dat was echt wel het moment dat ik het idee had dat er wel geld met pokeren te verdienen was.
Je speelt nu dezelfde limieten als Paul Valkenburg toch? Of iets hoger zelfs?
Nee, we spelen wel ongeveer dezelfde limieten vanaf 1/2. Die limiet speel ik echt vast. Daar kan ik ook veel meer tafels openen en lekker spelen. Speel ik hoger, dan speel ik er wat minder en doe ik beter aan gameselectie. Op 2/4 ook nog niet echt, maar vanaf 3/6 doe ik wel echt aan gameselectie. Ik zie er weinig nut in om 5/10 te gaan spelen tegen vijf andere regulars. Ik verdien dan liever mijn centjes op de 1/2. Dan gaat het geleidelijker. Die game crush ik goed genoeg.
Heb jij ook hetzelfde als Paul Valkenburg? Die heeft niet echt een drang om omhoog te gaan.
Ik denk dat ik daarom zo goed met hem om kan gaan. We hebben ongeveer dezelfde denkwijze, zijn alle twee geen echte gokkers. Als je dat beetje gamble-instinct hebt, wil je steeds hoger en hoger spelen. Ik wil alleen zekerheid. Elke maand een x bedrag naar binnen harken en sparen voor later. Er zijn jongens die het iets uitbundiger doen en snel omhoog gaan, maar vaak zie je die ook weer terug komen. Ik weet nu wat ik kan verdienen in de maand en dat vind ik ook al een fijn gevoel. Je hoeft misschien wel minder uren te draaien op 5/10, maar als je 100.000 handen op 1/2 speelt heb je gewoon minder variantie dan wanneer je er 20.000 op 5/10 speelt. En ik vind het niet erg om te werken voor een stabiel inkomen. Het is wel werk bij mij.
Fotografie: Roel van Diem




















Lees 17 comments(s) over dit artikel
Voeg je commentaar toe