Pokerwraak - Deel 3

  • Teun van CuijkTeun van Cuijk
Pokerwraak - Deel 3 0001

Pokerwraak Deel 2

Een boekenwurm ben ik nooit geweest. Zal ik waarschijnlijk ook wel nooit worden. De tentamenweek staat voor de deur, maar ik laat de suffe studieboeken op de plank staan. Elke keer neem ik me voor om toch echt eens als een bezetene te gaan leren, maar net zo vaak moet ik mezelf er na afloop van een toetsweek op betrappen dat ik dat wederom niet gedaan heb. Ik kan daar best mee leven. Zo ben ik nu eenmaal. En ach, mijn cijfers zijn nog altijd zeer respectabel.

Maar als ik ergens voor ga, dan ga ik er ook volledig voor. En dat maffe pokerspel, dat laat me maar niet los. Het is alsof poker Dennis van der Geest is en me in een stevige houdgreep heeft. Afkloppen en toegeven aan de kracht van mijn 'tegenstander' is de enige optie. Ik kan niet zo goed bevatten dat de basis van poker zó simpel is, maar dat het zó ontzettend moeilijk is om vervolgens écht goed in dat spel te worden. Iedereen met een beetje goede wil kan binnen een uur pokeren. Maar goéd worden, écht góed… Dat is een hels karwei. Maar daar houd ik wel van. In dit geval wel, in elk geval. I'm up for the challenge!

Een dag als zoveel andere dagen komt traag op gang. Het koffiezetapparaat pruttelt, het tosti-ijzer zoemt en Nora reageert geprikkeld op alles wat ik tegen haar zeg. Ze is geen chagrijnige meid, maar doet de laatste paar dagen wel erg vervelend tegen me. Kortaf, onvriendelijk. Zo ook vandaag. Ik zit achter de computer en bekijk, terwijl ik een slappe plens koffie naar binnen giet, op het internet wat legendarische pokermomenten. Ik word meegezogen in een fantastische hand, maar dan houdt plotseling mijn PC het voor gezien. "Ik ben er ook nog, Gunnar", zegt Nora terwijl ze de stekker van mijn computer triomfantelijk in de lucht steekt. "Verdomme, Nora, dat kun je toch ook zeggen zonder de stekker uit het stopcontact te rukken?" Daar denkt ze overduidelijk anders over. Ze laat de stekker uit haar hand vallen en met grote passen stapt ze op de achterdeur af. Ze stampt zo hard, dat ik het gevoel heb dat Jaap Stam door mijn woonkamer raast. "Kom, laten we er nu gewoon even over praten", probeer ik haar te kalmeren. Nora's ogen worden op dat moment nóg groter dan ze altijd al zijn. "Praten? Praten? Daar is het te laat voor!", schreeuwt ze. Ik schrik, want ik heb haar nog nooit zo kwaad gezien en ook nog niet eerder zo hard horen schreeuwen. Ze is écht boos. Op het moment dat ze haar volgende zin de kamer in lijkt te gaan slingeren, bedenkt ze zich. Nora neemt nog zo'n reuzenpas en slaat de deur achter haar dicht. "Eikel!", hoor ik haar buiten nog roepen terwijl ze met haar fietssleuteltje aan het prutsen is. Een paar tellen later klinkt een 'klik' en fietst Nora weg.

Dat geeft me toch te denken. Ik start mijn PC ondertussen opnieuw op en kijk de hand deze keer wel helemaal af. Maar met mijn gedachten ben ik er eventjes niet bij. Ik denk aan Nora, aan waar ze nu fietst en vooral: waar ze naartoe gaat. Op de een of andere manier heb ik er een slecht gevoel over, over haar actie. Dylan zal haar ongetwijfeld goed opvangen en als hij op pad is, kan Nora altijd nog bij Angela terecht. Stiekem hoop ik dat Dylan het druk heeft, dat 'mijn' Nora niet naar hem toe hoeft te gaan. Dat ze lekker even haar hart kan luchten bij Angela. Zoals meiden dat onder elkaar zo goed kunnen. Zou Nora me kunnen bedriegen? Ik vraag het me af. Andersom zou ik dat nooit doen. Maar waarom verkramp ik dan bij de gedachte dat Nora zo meteen aanbelt bij Dylan? Terwijl ik mijn gedachten de vrije loop laat en naar het beeldscherm staar, ruik ik een rooklucht. Mijn gedachten verplaatsen zich in één klap van Nora naar het tosti-ijzer, dat al een minuut of tien staat te schroeien. De boterham ham/kaas is onherkenbaar geworden en heeft meer weg van een stukje asfalt dan een tosti. Eetbaar is het ding al lang niet meer. Al was 'ie eetbaar, dan nog was de prullenbak waarschijnlijk het eindstation geweest. Ik heb op dit moment namelijk even helemaal geen trek in eten.

De telefoon gaat. Het is Dylan. "Hé man, wat doe je vanavond?", vraagt hij kennelijk nietsvermoedend. "Ehm", stotter ik. "Ik eh, ik denk dat ik niets bijzonders ga doen." Het blijft even stil aan de andere kant van de lijn. "Nou, zie ik je vanavond dan? Home game, 25 euro inleg. We beginnen om een uur of acht." Poker? Eigenlijk heb ik geen zin. Maar ach, ik kan wel wat afleiding gebruiken. "Prima, tot dan", antwoord ik.

Nora heeft haar telefoon uitgeschakeld. Aan de ene kant wil ik haar dolgraag even spreken, aan de andere kant vind ik het wel even goed zo. Ze is een slimme meid en doet, ook al is ze pissig, vast geen domme dingen. Ik probeer de situatie uit mijn gedachten te verdringen en ga vol goede moed naar Dylan toe. Daar zitten zes vrienden van Dylan vol enthousiasme over poker te praten. Het duurt maar een paar minuten voordat ik me meng in interessante discussies en andere leuke pokergesprekken. Bij het gros van de aanwezigen maakt de glimlach, op het moment dat de pokerkoffers ten tonele verschijnen, in één keer plaats voor een superstrakke blik. Het mag vanavond dan niet om een fortuin gaan, maar serieus is het wél. Voor mij is een pokeravondje als deze perfect. Ik speel tegen mensen die ik nog nooit eerder ontmoette en zit tussen relatief ervaren pokerspelers in. Wat een goede leerschool!

Met mijn zonnebril in de aanslag en een stapel chips voor mijn neus gaat de pot beginnen. Rechts van me zit een bullebak. Thomas is zijn naam. Hij probeert me in de beginfase van het spel duidelijk te testen en raist me voortdurend. Na drie keer achter elkaar een hand te hebben weggegooid, besluit ik dat het genoeg is geweest. Ik mag dan de rookie zijn in dit gezelschap, dat wil nog niet zeggen dat ik mijn chips vrijwillig afsta! Met mijn paartje zevens sta ik sterk genoeg voor een scherpe re-raise, vind ik. Mijn zonnebril gaat op, een paar stapeltjes chips schuif ik kalmpjes naar voren. Alle andere spelers folden en vanuit mijn ooghoek kan ik zien dat Thomas oogcontact met me zoekt. Ik gun hem die blik niet en kijk quasi verveeld voor me uit. "Dus jij gaat lastig doen, gozer?", vraagt Thomas hardop. "Ach", zeg ik, "lastig? Wat is lastig? Ik heb mijn beslissing al gemaakt. Nu is het jouw beurt." Nu kijk ik wel de kant van mijn buurman op. "All-in", zegt hij met veel bravoure. "Call", voeg ik daar kalmpjes aan toe. Op de een of andere manier heb ik bij deze zevens een goed gevoel. Dat verdwijnt als sneeuw voor de zon als Thomas een paartje tienen laat zien. "Gunnar, wat een achterlijke call", voegt Nadya me toe. Zij is het vriendinnetje van Thomas en kijkt met een voldane blik toe. Die blik verandert al snel als er op de flop een zeven valt. De turn biedt Thomas geen hulp en ook de river is een blank. "Nice hand", zegt Thomas sportief terwijl hij naar de koelkast loopt om een pilsje te pakken. "Maar het blijft een domme call", sneert Nadya.

Het zevenkoppige deelnemersveld dunt rap uit en ik besluit me gedeisd te houden. Hoewel ik veel bewondering heb voor Gus Hansen en zijn manier van spelen, besluit ik een andere speelstijl te hanteren. Ik speel zo strak als een schaatspak en neem vrijwel nooit écht risico. Dylan, Rick en ik zijn na een uurtje of anderhalf spelen nog over. De winnaar krijgt vandaag 150 euro, de nummer twee gaat met 50 euro naar huis en de nummer drie wordt de bubble boy en krijgt helemaal niets. Hoewel het niet om een enorme smak geld gaat, verkramp ik een klein beetje bij de gedachte het prijzengeld mis te lopen en wil ik vooral verdedigend spelen. Dat blijkt niet de beste aanval te zijn aan de pokertafel. Waar ik alleen maar bezig ben met het beschermen van mijn eigen chips, daar focussen Dylan en Rick zich op het afpakken van andermans fiches. Die laatste aanpak blijkt de beste te zijn. Ik heb de minste chips van het overgebleven trio en met name Dylan maakt daar handig gebruik van. Hij komt vaak met dusdanig grote raises op de proppen die me verplichten tot folden of een all-in-move. Mijn 'macht' brokkelt gestaag af en op het moment dat het eigenlijk al veel te laat is, besluit ik min of meer gedwongen om pre-flop all-in te gaan met een boer en een vrouw. Allebei van schoppen, dat wel. Maar de call van Rick is sterk: zijn paartje achten overleeft de coinflip en daarmee is mijn toernooitje voorbij. "Je had je eigen spel moeten blijven spelen", zegt toeschouwer Thomas. "Dat ging je vrij aardig af."

De huiskamer van Dylan zit inmiddels propvol en ik zoek op de bank een plaatsje tussen Nadya en Lisanne uit. Lisanne heeft een tijdje in het casino gewerkt en volgt het spel de hele avond al aandachtig. "Je moet kappen met dat getik met je voeten", fluistert ze me in. "Dat deed je volgens mij alleen maar als je zat te bluffen." Ik ben overdonderd. Ik doe dat niet eens bewust, maar doe het blijkbaar wel. Terwijl Dylan met een mooi full house de toernooiwinst grijpt sla ik de tips van Thomas en Lisanne op en besluit ik een pilsje te drinken. Op de zege van Dylan, maar stiekem nog wel meer op het vrij aardige spel dat ik vertoonde. Wat een topavond....

Pokerwraak Deel 4

LEES MEER

Comments

Nog geen reacties. Wees de eerste die post!

Wat denk jij?
Registreer je om een reactie achter te laten of login met facebook