WSOP 2018

Interview VMW Taxand N.V.

Interview VMW Taxand N.V.

Afgelopen vrijdag (2 december 2011) plaatste PokerNews.nl een vraaggesprek met pokerspeler Joost Mengerink online waarin we uitgebreid ingingen op de uitspraak van de rechter in zijn rechtszaak. Joost had succesvol aangedragen dat de belastingen die nu gevraagd werden over cashes in live-toernooien binnen de Europese Unie, in strijd waren met de Europese regelgeving. Het artikel ontving enorm veel aandacht omdat voor het eerst in lange tijd een stap leek gezet in de goede richting.

In het artikel vertelde Joost Mengerink (die rechten studeert) niet alleen over zijn inzichten met betrekking tot de regelgeving, maar ook ging hij in op de lopende pokerprocedure die een grote groep Nederlandse pokerspelers geïnitieerd had waarin ze zich lieten vertegenwoordigen door VMW Taxand N.V.. Joost was behoorlijk kritisch en gaf af op de werkwijze van Taxand en zette vraagtekens bij hun motieven.

Kort na het verschijnen van het artikel verscheen op de website van de Nederlandse Pokerbond een artikel waarin de uitspraak besproken werd. Ook VMW Taxand N.V. kwam zelf met een bericht aan de bij haar aangesloten pokerspelers waarin de uitspraak aan het voetlicht gebracht werd.

Naar aanleiding van deze serie aan artikelen ontstond een discussie tussen pokerspelers. Amateurs die af en toe een kaartje leggen, microstakes grinders en geoefende professionals verzamelden zich en hadden allemaal een mening. Het merendeel van de discussie werd gevoerd op PokerNews.nl maar ook op PokerInfo.nl ontstond een levendig debat waar ook Joost Mengerink weer van zich deed spreken.

Direct na het uitkomen van het eerste artikel op PokerNews.nl vroegen wij VMW Taxand N.V. om een reactie. Niet alleen om te reageren op de kritiek maar ook om inhoudelijk in te gaan op de vele vragen die er gesteld werden naar aanleiding van de uitspraak van de rechter. Dat verzoek kwam niet direct aan bij VMW Taxand maar uiteindelijk kwamen we telefonisch in contact en maakten we een afspraak voor een interview. Om zich optimaal te kunnen voorbereiden vroeg Taxand om de belangrijkste vragen vooraf per mail te ontvangen. PokerNews.nl gaf hier aan gehoor en stelde een serie aan vragen op waarin zij, voor pokerspelers van alle rangen, probeerde duidelijkheid te krijgen.

Toen Taxand deze vragen ontving stelde zij voor om de vragen via de mail te beantwoorden om genuanceerder antwoord te kunnen geven. En zo geschiedde, wij stuurden de vragen op en kregen later op de dag een uitgebreid antwoord via de e-mail wat je hier onder kan lezen.

VMW Taxand N.V. heeft daarbij aangegeven dat hun voorkeur ernaar uitgaat om direct met de deelnemers aan de proefprocedure te communiceren en dat communicatie via de fora graag vermeden wordt. Wij willen onze lezers er dan ook op aansturen dat, als ze concrete vragen hebben en aangesloten zijn bij de procedure, ze direct contact met VMW Taxand N.V. opnemen via onderstaande gegevens.

 VMW Taxand
 Piet Heinkade 55
 1019 GM Amsterdam
 P.O. Box 2911
 1000 CX Amsterdam
  
T+31 20 301 66 33
F+31 20 301 66 22
Einfo@vmwtaxand.nl

Mochten er naar aanleiding van dit artikel een serie aan nieuwe relevante vragen ontstaan dan zullen we uiteraard VMW Taxand N.V. vragen om een vervolg gesprek.

In welke mate/ op welke punten verschilt de procedure die VMW voert van die van Mengerink/Vink?
De recente uitspraak van de Rechtbank Haarlem is van groot belang voor de proefprocedure maar beantwoordt slechts één vraag die speelt, namelijk of de wetgeving zoals deze gold na 1 november 2008 ten aanzien van live toernooien binnen de EU in strijd is met het Europees recht (vrij verkeer van diensten).

De proefprocedure die in samenwerking met de Stichting Fiscale Pokerprocedure wordt gevoerd ziet tevens op online poker bij aanbieders die buiten de EU zijn gevestigd en live toernooien buiten de EU. Zoals bij iedereen bekend zijn de grootste aanbieders van online poker buiten de EU gevestigd en vinden ook de grote live toernooien buiten de EU plaats. In de proefprocedure wordt aan de rechter voorgelegd of een Nederlandse pokeraar kansspelbelasting is verschuldigd over online winsten (behaald vóór en na 1 november 2008) en winsten behaald bij een live toernooi in bijvoorbeeld Las Vegas of Melbourne. Ook na de recente uitspraak van de Rechtbank Haarlem is hier onduidelijkheid over.

Als gronden van beroep voeren wij in eerste instantie aan dat het verschil in belastingheffing tussen binnenlandse en buitenlandse kansspelen in strijd is met het Europese recht. Onder het Europese recht wordt verstaan de verdragsvrijheden (recht op vrij verkeer van kapitaal en vrij verkeer van diensten) en het eigendomsrecht dat is vastgesteld in artikel 1 Eerste Protocol EVRM. Bij aanbieders van buiten de EU zal een beroep op het vrije verkeer van diensten echter niet slagen omdat dit slechts binnen de EU van toepassing is. Het vrije verkeer van kapitaal werkt ook door naar landen buiten de EU, daarom gaan wij in de proefprocedure hier expliciet op in.

Naast het bovenstaande wordt aan de rechter voorgelegd op welke wijze de vrijstelling moet worden toegepast en of de kansspelbelasting kan worden verrekend met de inkomstenbelasting. Indien de rechter van mening is dat geen kansspelbelasting is verschuldigd dan komen wij niet aan deze vragen toe. Deze argumenten hebben wij dan ook subsidiair aangevoerd.

Welke struikelblokken zijn jullie tegen gekomen in jullie procedure waardoor het traject langer in beslag neemt dan voor de leek nodig lijkt?
Als wij terugkijken op de afgelopen periode wordt duidelijk dat we veel tijd hebben besteed aan het voortraject van de procedure. In 2009 hebben we een bespreking gehad met een grote groep pokeraars bij ons op kantoor en hebben we "groen licht" gekregen om in een proefprocedure de belangen van een grote groep deelnemers te behartigen. De beginperiode van de procedure bestond voornamelijk uit (I) het op de rails krijgen van de toenmalige situatie, (II) het maken van concrete afspraken met de Belastingdienst omtrent de praktische zaken voor de periode totdat er een uitspraak was van de rechter en (III) het aandragen van twee "proefpersonen" in wiens situatie alle aspecten van de proefprocedure naar voren kwamen.

  • (I) In de beginperiode van de procedure was er veel onduidelijkheid over de toepassing van de huidige wetgeving en de manier waarop met aangifteverplichtingen moest worden omgegaan. Hier kwam bij dat veel deelnemers naheffingsaanslagen kansspelbelasting ontvingen. Wij hebben de beginperiode gebruikt om de deelnemers goed te informeren en we hebben voor ontzettend veel deelnemers bezwaar ingediend.
  • (II) Tevens ontvingen veel deelnemers informatieverzoeken en aangifteformulieren waar op gereageerd moest worden. Deze hadden betrekking op de perioden van vóór en na 1 november 2008 (het moment van inwerkingtreding van de huidige Wet op de Kansspelbelasting). Veel deelnemers liepen tegen het probleem aan dat de specifieke resultaten niet meer te achterhalen waren. We hebben met de Belastingdienst toen concrete afspraken gemaakt over de wijze waarop hiermee wordt omgegaan met als uitkomst de afspraak dat over de periode vóór 1 november 2008 (toen inleg in principe nooit verrekend kon worden), de online-resultaten op jaarbasis kon worden vastgesteld in plaats van per gewonnen prijs. Voor de deelnemers die maandelijks aangifteformulieren ontvingen hebben wij afgesproken dat zij kunnen volstaan met een eenmalig bezwaar tegen de eerste betaling.
  • (III) Het aandragen van twee proefpersonen en het bereiken van overeenstemming wat betreft de feiten heeft veel tijd in beslag genomen. We waren op zoek naar deelnemers die zowel live als online spelen bij aanbieders binnen en buiten de EU en waarbij de effectieve belastingdruk dermate hoog is dat het verschil in belastingdruk voor binnenlandse en buitenlandse kansspelen voldoende duidelijk is. Bij de twee personen die wij in eerste instantie aangedragen hebben heeft door de Belastingdienst bij de deelnemers thuis een onderzoek plaatsgevonden waarbij de inspecteur met de deelnemer de administratie ter plekke heeft doorgenomen en heeft vergeleken met de informatie die reeds bij de Belastingdienst beschikbaar was. Van dit onderzoek is een verslag opgesteld dat door de deelnemers akkoord moest worden bevonden voordat we verder gingen met de procedure. Eén deelnemer kon zich niet verenigen met de bevindingen van de Belastingdienst omtrent de online-resultaten en we hebben er toen voor gekozen om een nieuwe deelnemer aan te dragen. Hetzelfde traject van onderzoek en verslag moest toen worden doorlopen.

Nadat voor beide deelnemers overeenstemming was bereikt heeft is het snel gegaan. De Belastingdienst heeft toen uitspraak op bezwaar gedaan in juni respectievelijk juli van dit jaar. We hebben toen de beroepschriften opgesteld en ingediend in augustus respectievelijk september. In dit proces is geen vertraging opgetreden.

Mengerink geeft aan dat zijn beroep bij de belastingdienst op niets uitliep waardoor hij het geschil naar de rechtbank van Haarlem heeft gedragen. VMW geeft aan dat er veelvuldig overleg is met de Belastingdienst, van waar blijven de gesprekken met die partij en wordt dit niet ook in de rechtbank "uitgevochten"?
In het voortraject hebben we veel overleg gehad over de praktische problemen die wij tegenkwamen omdat de Belastingdienst voortvarend handelende door bijvoorbeeld naheffingsaanslagen op te leggen. Vanaf het begin stond echter vast dat de principiële discussiepunten voor de rechter werden gebracht.

Jullie hebben twee testcases die jullie gebruiken om een zaak te maken (feitenonderzoek). Er wordt aangegeven dat deze twee uitgebreid gevolgd worden om de zaak vorm te geven. Waarom is dit nodig? Is een uittreksel van hun HoldemManager database/HendonMob niet genoeg om de benodigde gegevens te verzamelen?
In beide procedures spelen de online winsten een grote rol en de precieze hoogte hiervan was lastiger vast te stellen dan live winsten. We willen echter dat er bij aanvang van de gerechtelijke procedure geen enkele discussie meer bestaat over de precieze resultaten en de vraag wat de hoogte van de effectieve belastingdruk is en we wilden dit ook op schrift bevestigd hebben. Daarom heeft er bij de deelnemers thuis een onderzoek plaatsgevonden door de inspecteur en is er naar aanleiding van dit onderzoek een verslag opgesteld dat door beide partijen akkoord is bevonden.

Waar staat de proefprocedure op dit moment/wat is de huidige gang van zaken en hoe wordt die beïnvloed door het proces dat Mengerink heeft doorlopen?
Op dit moment wachten wij op het verweerschrift van de Belastingdienst in beide procedures. In één procedure is op 28 november jl. voor de eerste maal uitstel verleend en wij verwachten derhalve uiterlijk binnen 8 weken dit verweerschrift te ontvangen. In de andere procedure is ongeveer 2 weken geleden het verweerschrift pas opgevraagd waardoor de Belastingdienst vanaf dat moment nog 12 weken had om het verweerschrift in te dienen.

Eén aspect dat wordt behandeld in de proefprocedure is in de recente uitspraak van de Rechtbank Haarlem aan de orde geweest en we verwachten dat de Belastingdienst de argumentatie ten aanzien van de strijdigheid met het Europese recht wel zal aanpassen. Voor aankomende vrijdag hebben wij een overleg gepland met de Belastingdienst waarin dit zal worden besproken.

Was het concurrentie punt van Mengerink (waar hij gelijk op heeft gekregen), ook onderdeel van jullie procedure? Waarom wel/niet?
De strijdigheid met het Europese recht is vanaf het begin het grootste punt van bezwaar geweest binnen de proefprocedure. Mocht je dit terug willen lezen dan verwijzen we graag naar de updates die wij hebben verspreid binnen de deelnemers aan de proefprocedure. Deze zijn te lezen op de site van de Pokerbond.

Mengerink heeft geprobeerd de rechter te overtuigen dat poker een behendigheidsspel is en geen kansspel. Op dit punt heeft hij geen gelijk gekregen terwijl daarvoor door een rechter poker wel als behendigheidsspel was beoordeeld (in 2010 meen ik). Was dit punt ook een van jullie punten? Waarom wel/niet?
In overleg met het bestuur van de Fiscale Pokerprocedure is ervoor gekozen om het standpunt dat poker geen kansspel is maar een behendigheidsspel, niet naar voren te brengen in de proefprocedure. Wij hebben hierbij in overweging genomen dat we een grote groep vertegenwoordigen en dat binnen de groep van deelnemers de belangen bij dit standpunt verdeeld zijn (voor de een is het voordelig, voor de ander niet).

Hier komt bij dat, indien wij dit standpunt naar voren brengen, de mogelijkheid bestaat dat de rechter poker een behendigheidsspel acht en zich in de proefprocedure niet meer uitlaat over de overige punten waardoor we over deze punten nog geen duidelijkheid verkrijgen (als het beroep op dit punt gegrond wordt bevonden stopt de rechter namelijk met de behandeling van de overige punten). We weten allen dat de mening van de rechtelijke macht over de vraag of poker een kansspel is niet eenduidig is. Indien er in de toekomst hogere rechtspraak komt waarin wordt bevestigd dat poker een kansspel is dan zullen de huidige knelpunten alsnog van toepassing zijn zonder verduidelijking door de rechter.

Hierbij is tevens van belang dat de vraag of poker een kansspel is momenteel in meerdere procedures in hoger beroep naar voren wordt gebracht. De kans bestaat derhalve dat gedurende het beroep binnen proefprocedure een Gerechtshof hier uitspraak over doet. Wij kunnen dan eventueel in een later stadium alsnog een standpunt innemen over de vraag of poker een kansspel is of niet.

Als de rechter poker als een behendigheidsspel zou gaan zien, dan is de opvatting van veel pokerspelers dat we inkomsten belasting moeten gaan betalen waardoor het tarief hoger zou kunnen zijn dan de nu gehanteerde 29% voor sommige spelers. Wat is jullie visie daarop en moeten we het dan ook wel of niet nastreven dat ons geliefde spel als behendigheidsspel gezien gaat worden?

Indien wordt geoordeeld dat poker een behendigheidsspel is, dan zal de Wet op de Kansspelbelasting niet meer van toepassing zijn en komen de resultaten wellicht onder de reikwijdte van de inkomstenbelasting. De Belastingdienst stelt zich echter zodanig stellig op het standpunt dat resultaten uit deelname aan poker (op internet of live), zonder dat een deelnemer bijvoorbeeld vaste inkomsten uit sponsoring verkrijgt, geen winst uit onderneming of resultaat uit overige werkzaamheden vormen, dat wij niet verwachten dat de Belastingdienst met terugwerkende kracht de inkomsten in de inkomstenbelasting zullen betrekken. Voor een groot aantal pokeraars is de heffing van inkomstenbelasting over reeds behaalde of toekomstige resultaten zelfs schriftelijk uitgesloten. Doordat deze groep personen aanzienlijk is, zou het ons inziens in strijd zijn met het gelijkheidsbeginsel om wel inkomstenbelasting te heffen bij de personen voor wie dit niet schriftelijk is toegezegd.

Of het gunstig of ongunstig is om de resultaten uit poker in box I van de inkomstenbelasting te betrekken dient individueel te worden beoordeeld. In box I van de inkomstenbelasting wordt het resultaat weliswaar progressief tegen maximaal 52% belast maar de effectieve belastingdruk zal aanzienlijk verminderen indien een speler verliesmaanden heeft, wordt gebacked of overige kosten heeft. Is hier in een individuele situatie geen sprake van, dan zal de heffing van kansspelbelasting gunstiger zijn.

Mengerink geeft aan dat deze uitspraak in principe geen directe invloed heeft op andere pokerspelers en dat iedereen zijn eigen procedure moet gaan voeren. Wat zouden jullie spelers adviseren die buitenlandse cashes hebben; 
- wel opgeven en betalen 
- wel opgeven en niet betalen
- niet opgeven en niet betalen

De uitspraak van de Rechtbank Haarlem heeft als jurisprudentie direct invloed op andere spelers, mits er sprake is van een identieke casus.

Ook de vraag welke actie een speler het beste kan ondernemen dient per individueel geval te worden beantwoord. Duidelijk is dat, indien een aangifteformulier of een informatieverzoek wordt ontvangen van de Belastingdienst, deze altijd en volledig waarheidsgetrouw dient te worden beantwoord.

Voorts kan men zich de vraag stellen of indien geen aangifteformulier wordt ontvangen, bij positieve resultaten uit deelname aan poker in het buitenland uit eigen initiatief een aangifte moet worden ingediend en of een boete kan worden opgelegd indien dit niet gebeurd is. De wettelijke regel is dat een belastingplichtige hiertoe verplicht is indien redelijkerwijs kan worden vermoed dat belasting is verschuldigd. Indien geen aangifte wordt ingediend kan de Belastingdienst slechts een boete opleggen indien de belastingplichtige niet op een pleitbaar standpunt heeft gebaseerd dat geen belasting was verschuldigd.

Uit de recente uitspraak van de Rechtbank Haarlem blijkt dat het bij een identieke situatie bijzonder pleitbaar is dat geen kansspelbelasting is verschuldigd. Ook voor situaties waarin een live toernooi buiten de EU of bij online poker prijzen worden gewonnen zijn wij van mening dat er zeer sterke argumenten zijn dat geen kansspelbelasting is verschuldigd. Dit is echter in de rechtspraak nog niet expliciet bevestigd.

Mengerink geeft aan dat je enkel een zaak kan maken als je in het verleden bezwaar hebt aangetekend met zijn punt als strekking. Is er ook een zaak te vormen voor mensen die op andere punten bezwaar hebben aangetekend?
Bij de deelnemers aan de proefprocedure voor wie wij bezwaar hebben aangetekend is het bezwaar primair gegrond op de strijdigheid met het Europese recht en subsidiair op de overige punten. Indien men op beperkte gronden bezwaar heeft gemaakt (bijvoorbeeld met alleen een beroep op de vrijstelling) dan voorzien wij tevens geen problemen omdat de gronden van bezwaar/beroep alsnog kunnen worden aangevuld.

Indien de uitspraak blijft staan, zou er dan de mogelijkheid bestaan betaalde bedragen terug te vragen? Ook als je destijds geen bezwaar hebt gemaakt aangezien het door de Belastingdienst gepresenteerd werd als iets dat niet onderwerp van discussie was/aanvechtbaar was.

Wij hebben met de Belastingdienst afgesproken dat bij een gunstige uitspraak van de hoogste rechter in de proefprocedure, de Belastingdienst voor de overige deelnemers aan de proefprocedure die bezwaar hebben ingediend, het bezwaar gegrond zal verklaren. Dit betekent dat de betaalde kansspelbelasting dan terug zal worden betaald.

Voor de mensen die geen bezwaar hebben ingediend zal de Belastingdienst hier niet toe zijn verplicht. Men kan dan een verzoek tot ambtshalve teruggave indienen maar er bestaat geen zekerheid dat de Belastingdienst dit zal doen.

Mengerink lijkt de indruk te hebben dat zijn uitspraak ook voor online pokerwebsites binnen de Europese Unie zal gelden. VMW Taxand geeft aan dat het niet zo gemakkelijk is. Waarom kan het wel/niet ook voor online poker gelden?
De Rechtbank Haarlem heeft in deze procedure geoordeeld dat het KSB-regime voor prijzen uit live toernooien binnen de EU in strijd is met het vrije verkeer van diensten. Wat betreft online poker aangeboden door een aanbieder die binnen de EU is gevestigd is onze verwachting eveneens dat de rechter gelijk zal oordelen.

De grootste aanbieders van online poker zijn echter niet binnen de EU gevestigd. Voor online winsten gewonnen bij niet EU-aanbieders kan geen beroep worden gedaan op het vrije verkeer van diensten, slechts op het vrije verkeer van kapitaal (het recht op vrij verkeer van kapitaal werkt namelijk wel door tot landen buiten de EU en het recht op vrij verkeer van diensten niet). Dit betreft een andere toets die de Rechtbank Haarlem niet heeft toegepast. Dit komt in de proefprocedure wel aan de orde.

In hoeverre is VMW betrokken bij de nieuwe kansspelwetgeving? Is er een adviserende rol van Taxand als expert op dit gebied door de opgedane ervaringen met een grote groep pokerspelers?
VMW Taxand N.V. heeft al ruim een decennium een grote praktijk die is gespecialiseerd in gaming, zowel op gebied van regulering als op het fiscale vlak waarbij we ons bezighouden met alle aspecten die komen kijken met het aanbieden van en het deelnemen aan gaming. Binnen deze praktijk worden wij als expert door verschillende partijen (waaronder de overheden, aanbieders en belangenvertegenwoordigers) gevraagd om advies te geven op dit gebied. Het nieuwe kansspelbeleid maakt hier deel van uit en dat plaatst ons uiteraard in een prettige uitgangspositie om ook de belangen van de pokerspelers onder de aandacht te brengen op politiek- en beleidsmatig niveau. Zo zijn wij naast de Pokerbond gehoord in de Tweede Kamer in het kader van het toekomstig kansspelbeleid.

Jullie hebben het plan, als ik me niet vergis, twee procedures te gaan voeren (met de twee spelers). Hebben jullie de verwachting dat dit genoeg gaat zijn om totale duidelijkheid te krijgen? Gaan jullie eventueel verder als dat nodig blijkt?
De twee procedures behandelen alle aspecten die er spelen (behalve de vraag of poker een kansspel is) waardoor er bij een uitspraak van de hoogste rechter in de procedures geen onduidelijkheid meer zal bestaan. Bij aanvang van de procedure hebben we afgesproken dat we net zo lang doorgaan als dat nodig is. Dit geldt uiteraard nog steeds.

Comments

  • [user9353] [user9353]

    cliffs:
    Ze doen weinig en beuren daarvoor veel geld.

  • RayADHD RayADHD

    Standaard worden de beste en meest relevante posts op PN gemaakt door old school members met <200 posts.

  • hdkeisk hdkeisk

    aha, ok thx joeri/rolo Laugh

Lees 18 reactie(s) op dit artikel

Wat denk jij?
Registreer je om een reactie achter te laten of login met facebook

LEES MEER

Andere Artikelen