Life after Poker – Leroy Soesman is nu wiskundeleraar

Life after Poker – Leroy Soesman is nu wiskundeleraar

Het heeft even geduurd, maar we hebben weer een nieuwe 'Life After Poker' voor je in de aanbieding.

Dit keer Leroy Soesman die in 2008 meedeed aan het programma Vegas Voyage op Veronica. In dat door Lange Frans gepresenteerde programma pokerden zes heren en zes dames zich een weg door Amerika, en de winnaar kreeg een sponsorpakket van Everest Poker. Soesman was de gelukkige winnaar en we kwamen hem dan ook tegen op toernooien in onder andere Kopenhagen, Dortmund, Barcelona, San Remo, Monte Carlo en Las Vegas.

Tegenwoordig doet Soesman iets heel anders, de man uit Hoofddorp is wiskundeleraar. Wij spraken met hem over het programma Vegas Voyage, zijn tijd als pokerspeler, en zijn leven nu hij poker achter zich heeft gelaten.

Hoe was je eerste aanraking met poker?
Ik was 10 jaar toen ik voor het eerst poker speelde, en ik snapte er geen ene moer van. Ik leerde het van mijn neef, het was een soort veredeld yahtzee met kaarten. Ik vond het altijd wel geinig, het was heel mysterieus. Op tv waren ze altijd aan het pokeren, en ik begreep nooit wat ze aan het doen waren. Maar ze waren allemaal super cool. Het had een soort aura om zich heen.

De eerste keer dat ik echt speelde was met een paar vrienden in een vakantiehuisje geloof ik. Ik raakte een beetje gefascineerd, zoals ik dat wel vaker heb. Ik weet dat ik op een gegeven moment 'Poker voor Dummies' heb gekocht, en later 'The Theory of Poker'. Ik begon me er in te verdiepen, ik wilde er goed in worden. Ik ben het op een gegeven moment ook mensen gaan leren om maar iemand te hebben om tegen te kunnen spelen.

Ik denk dat ik echt begon toen ik een jaar of 24 was. Dat begon voor vijf eurootjes, maar uiteindelijk zat ik met honderden euro's aan tafel. Ik kwam kort nadat ik begon met spelen de website PokerInfo.nl tegen. Het begon eigenlijk allemaal pas echt te rollen toen ik artikelen begon te schrijven voor die site.

Toen speelde ik al online voor centjes. Ik heb een turbulent begin gehad, ik was zeker niet gelijk een winnende speler. Te veel ego. Ik wilde altijd elke hand winnen en de tafel slopen. Ik was the sherif in town en callde iedereen. Ik won wel, maar ik won heel weinig. Mijn ego is een lange tijd een probleem geweest in mijn spel. Ik was zo gedreven door onzekerheid in die periode, en mijn ego was heel moeilijk om eruit te werken.

Maar je schreef wel al gelijk strategie-artikelen?
Ja. Mijn eerste artikel was gewoon zo van 'Ik ben Leroy en ik wil pokeren, en ik hoop dat ik aan het einde van het jaar 100nl of 200nl speel'. Een soort introductieartikel. Mijn tweede artikel bevatte inderdaad direct al een analyse. Dat begrepen sommige mensen wel, sommige mensen niet. Maar het werd op zich wel goed ontvangen.

Ik leerde je pas kennen toen je een pakket won in een televisieshow.
Ja, kunnen we dat hoofdstuk even overslaan?

Nee, want dat was wel spectaculair. Maar dat was dus niet leuk?
Jawel, het was hartstikke leuk. Maar als ik dat terugzie... het is soms te gênant voor woorden. Mijn hemel! ADHD en een camera zijn geen goede combinatie. Ik heb niet de meest doordachte optredens in die televisieshow gehad. Ik sprak laatst een van de andere deelneemsters van die show. Die had ik al een tijd niet gesproken, maar ik kreeg spontaan een Facebook-berichtje, zo van 'Leroy, wat was jij geweldig in die show. Hulde!' Dat vond ik wel heel leuk om te horen, maar ikzelf kan er maar moeilijk naar kijken. Ik zit alleen maar zo van 'O, wat erg!'

Ik kwam bij die show via Armijn (Meijer - eigenaar PokerInfo.nl, red.). Die vroeg op een gegeven moment op PokerInfo wie er allemaal mee wilden doen. Ik had zoiets van 'Why the fuck not, ik ga geen andere kans krijgen om op korte termijn naar Amerika te gaan'.

Weet je wat me het meeste is bijgebleven van die periode? De psychologische wervelwind waarin je terecht komt. In zo'n wereld ben je gewoon jezelf niet. Ik niet in ieder geval. Je leeft in een soort droombubble, alsof je op schoolkamp bent, alsof je niet in de echte wereld bent. Die televisiemakers spelen onwijs op je in. Dat is best wel een psychologische strijd, best wel heftig. Ze maken je echt psychologisch kapot.

In aflevering vijf gingen we volgens mij naar Chicago. Op het vliegveld was het alsof ik wakker werd, alsof ik toen pas weer mezelf werd. Vanaf dat moment was ik veel meer ontspannen. Vanaf die afleveringen kan ik ook makkelijker naar die shows kijken omdat ik mezelf een stuk minder belachelijk maak. Maar op het begin jongen; het was zwaar, heel zwaar. Ik ben echt tien jaar ouder geworden in die vier weken dat ik er was. Ik had ook woede uitbarstingen; ik sta tegen een paal te schoppen op een gegeven moment! Dat is echt treurig gewoon. Maar je staat onder zoveel druk, de stress is echt niet normaal. Vanaf aflevering vijf was ik weer bij de mensen en toen ging het weer goed. Vanaf dat moment was het ook wel leuk.

Het klinkt wel alsof je het de makers kwalijk neemt dat ze het zo psychologisch zwaar voor je hebben gemaakt.
Ik wist eigenlijk al wel dat de media zo kon zijn, maar toch was ik echt heel erg teleurgesteld in televisie na die show. Ik had stiekem ergens nog de hoop dat televisie maken nog iets puurs had, maar het is echt alleen maar kijkcijfers trekken. Dat is met 'Vegas Voyage' helaas niet gelukt trouwens. Ik kijk sindsdien wel heel anders naar tv ja. Dingen die mensen heel leuk vinden, zoals X-factor maar ook documentaires, daar kan ik niet van genieten. Ik zie alleen maar een stelletje mensen achter de camera die allemaal plotjes bedenken om mensen zo interessant mogelijk op tv te krijgen.

Neem nou Johnny de Mol en het programma 'Project P'. Een van de eerste afleveringen was op de school waar ik nu werk. Het enige dat ik daar zie is tranentrekker-televisie. Ik wantrouw continu de motieven. Wil je die jongen echt helpen, of ben je hier gewoon om tranentrek-tv te maken? Ik zie overal van die tekenen dat het alleen maar gaat om mensen op de buis te krijgen en het zo zielig mogelijk te maken. Daar kan ik niet zo goed tegen.

Maar jij won die show wel. Dat was wel vet of niet?
Dat was heel vet. En dat terwijl mijn toernooipoker op dat moment nog helemaal niet zo goed was. Ik kan me nog een discussie op PokerNews herinneren waar ik met pocket zessen op de flop wilde flatten in plaats van shoven. Dat standpunt zou ik nu absoluut niet meer verdedigen.

Maar ik was wel een stuk beter dan de andere spelers. Ik maakte wel veel fouten, maar de anderen maakten nog veel meer fouten. Het was echt heel vet. Ik had niet verwacht dat ik dat zou gaan winnen, ik deed gewoon mee om lekker door Amerika te trekken. Dat was hartstikke tof.

Het programma werd dan misschien niet de grootste hit, je won wel dat Everest sponsor-pakket. Je kon naar Dortmund, Barcelona, Kopenhagen, Monte Carlo, San Remo, Vegas en de Master Classics. Hoe heb je die tijd beleefd?
Beste pakket ooit, met de beste sponsor ooit. Letterlijk. Ik maak geen joke; Everest Poker was op dat moment zó chill. Het was echt zo van 'Jij vraagt, wij draaien'. Ik weet niet of Steven (van Zadelhoff, red.) nog steeds voor Everest speelt, maar ik denk dat alle andere Everest-spelers van die tijd dat kunnen beamen. Het pakket was bizar groot, ik heb het niet eens opgekregen. De mogelijkheden waren eindeloos. Je kreeg iemand van Everest toegewezen, in mijn geval was dat Mariken, en die deed zo haar best voor me. Het was bizar. Ik voel me er eigenlijk nu nog schuldig over. Het was echt super.

Die gasten van toen waren ook echt tof, het was een tof wereldje. Het was een grote club van goede lui. De pokerwereld werd voor mij toen echt gemaakt door de jongens die speelden. Daniel "danistar" Smidt, die spreek ik nog steeds – dat is echt een vriend. Maar ik ging ook veel om met Joris Jaspers, Jasper Wetemans, en Steven van Zadelhoff. Maar ook Jordy Veenboer, Joep van den Bijgaart, en Joep Durkstra bijvoorbeeld. En over toffe gasten in poker gesproken; Gert-Hein Boersma. Dat was ook een hele toffe dude. Dat zijn de eerste namen die bij me naar binnenschieten, maar het waren er meer hoor.

In een van de eerste interviews in Vegas zeg je dat het moeilijk te combineren is met je studie. Toen studeerde je dus nog gewoon?
Nee, ik was niet aan het studeren, ik deed mijn promotie-onderzoek. Dat combineren is zo "goed" gegaan dat ik het niet heb afgemaakt, ik ben niet gepromoveerd. Ik werkte op de VU, daar deed ik mijn promotie, en daar werd ik op een gegeven moment op staande voet ontslagen, onder andere door dat interview. Dat was ook wel naar, drie weken voor het einde van mijn contract stond ik op straat. Er komen dan heel veel dingen over je heen; je moet eigenlijk bezwaar maken, je moet een rechtszaak aanspannen, je moet ww gaan aanvragen. Dat heb ik allemaal niet gedaan, want ik zat er echt doorheen.

Het was zo'n rollercoaster waar ik toen in zat. Je moet weten dat ik op dat moment in een van de zwaarste periodes in mijn leven zat. Alles ging kut op dat moment, behalve poker. Als ik dan op van die toernooien was, dan was ik niet helemaal mezelf. Maar het was wel een fijn moment want alles in mijn leven ging slecht maar als ik daar op die toernooien was dan had ik het super leuk. Het was een escape.

Het was moeilijk; ik had een burn-out, ik werd ontslagen, ik wist niet wat ik wilde doen. Ik had zoiets 'als ik nu iets ga doen, dan moet het wel iets zijn waar ik over heb nagedacht, het moet iets zijn dat echt bij me past'. Dat was de teneur; ik heb altijd dingen gedaan die niet bij me pasten. Zelfs poker was daar een voorbeeld van, en mijn promotie-onderzoek ook. Het enige wat ik met al die dingen wilde, was laten zien dat ik er toe deed. Ik wilde met alles wat bereiken. Met promoveren zou ik dokter in de psychologie worden en dan zou ik er toe doen. Met poker zou ik een grote naam worden en er dan toedoen. Maar het grappige was dat met al die dingen; hoe dichter bij het kwam, hoe meer ik erachter kwam dat het er niet echt toe deed - dat ík er niet echt toe deed.

Ik wist niet wat echt bij me paste, dus ben ik na mijn ontslag maar gaan pokeren. Ik kwam er op een gegeven moment achter dat pokeren voor mijn geld ook niet voor mij was weggelegd. Daarvoor moet je van zulk speciaal hout zijn gesneden. Een van de belangrijkste dingen is discipline. Je moet uren maken. Ik ging op een gegeven moment maar strijken om niet te hoeven pokeren. Dan kwam van mijn vrouw thuis van haar werk en dan was het hele huis schoon. Zij vond dat prachtig, maar het was simpelweg poker-vermijdend gedrag. Ik kon die mentale strijd niet aan. Poker is focking zwaar, mensen onderschatten dat echt. Jongens die nu nog pokeren daar heb ik respect voor hoor. Jongens als Joep en Steven; die mannen hebben een ethiek en zo'n mentale kracht.

Leroy Soesman op de EPT Barcelona in 2008
Leroy Soesman op de EPT Barcelona in 2008

Ik ben gaan nadenken in die tijd dat ik pokerde over wat ik echt wilde doen. Mensen. Het enige dat ik altijd leuk heb gevonden, mijn hele leven, dat is andere mensen uitleggen hoe shit werkt. Met poker waren dat mijn artikeltjes. Wat ik leuk vond was leren, en andere mensen dingen uitleggen. Ik moet iets met coaching gaan doen dacht ik toen. Ik wilde eerst via poker een coaching/management-ding gaan opzetten. Het plan was aanvankelijk om dat alleen te gaan doen, daarna zou ik het met een paar gasten gaan opzetten. Dat is niet echt een succes geworden, vooral omdat ik er gewoon te weinig energie in stak.

Op een gegeven moment wilde ik in de rehabilidatie werken, kijken of ik iets kon betekenen in het leven van ex-gedetineerden. In plaats daarvan ben ik uiteindelijk in de gehandicaptenzorg terecht gekomen. Daar heb ik vier en een half jaar gewerkt. Dat vond ik heel tof. Tegelijkertijd deed ik bijles in wiskunde en uiteindelijk heb ik besloten wiskundeleraar te worden. Daar ben ik twee jaar geleden mee begonnen. Ik heb vorig jaar de volledige overstap gemaakt en mijn eerste jaar fulltime les geven.

Financieel gezien is het geen stap omhoog geweest. Alles wat ik na poker heb gedaan trouwens niet. Financieel was het downhill from there, maar uphill qua quality of life - dus dat is het zeker meer dan waard. Ik heb zo weinig stress vergeleken met toen ik pokerde. Ik heb het idee dat pokerspelers in een perpetual state of stress verkeren. Die verliezen doen toch wat met je, hoe goed je ook bent en hoeveel je ook hebt gewonnen. Al die bad beats, al die onrechtvaardigheid bij poker, dat is echt heavy.

Om wiskundeleraar te worden moet je papieren halen neem ik aan.
Dat speelt nu, ik ben nu mijn papieren aan het halen. Ik zit zeker nog wel vijf jaar in de schoolbanken voordat ik echt ben waar ik wil zijn. Maar in de tussentijd sta ik wel gewoon voor de klas, en dat is echt super tof.

Ik geef les aan iedereen vanaf veertien jaar. Ik heb onderbouw en ik heb eindexamen klassen in het volwassenen- en reguliere onderwijs. Ik geef momenteel les op het VMBO en volgend jaar komt daar HAVO bij. De plannen zijn om uiteindelijk ook VWO te doen, maar eens kijken waar ik eindig.

Ben je altijd al goed in wiskunde geweest?
Ja, ik stond bij poker wel bekend als diegene die altijd alles statistisch analyseerde. Ik had een vrij grote affiniteit met statistiek vanuit mijn studie. Ik heb ook les in statistiek gegeven toen ik op de universiteit zat, en ik heb gewerkt met statistiek. Dat kon ik bij poker heel goed gebruiken. Kansberekening is natuurlijk het centrum van poker. Ik zou het nog even moeten nalezen, maar ik denk dat de artikelen die ik destijds voor Poker Magazine heb geschreven nog steeds wel relevant zijn.

Is het niet lastig om aan een VMBO-klas uitleg te geven? Dat is niet een echt hoog niveau toch?
Het wordt dan misschien nooit echt heel pittige wiskunde, maar ik ben echt gek op de vmbo-leerlingen. Wiskunde uitleggen is al moeilijk genoeg, dus het hoeft niet perse hogere wiskunde te zijn om interessant te zijn. Als je iemand iets kan uitleggen en die begrijpt het, dat is best wel rewarding. In de stof voor 6 VWO zitten wel dingen die echt leuk om uit te leggen zijn. En bij 5 en 6 VWO kan je ook wel in situaties komen waar je vragen krijgt waar je met je bek vol met tanden van staat. Maar dat is op dit moment nog niet van toepassing want ik moet eerst nog die bevoegdheden halen om die niveaus te mogen geven.

Ik denk dat het te maken heeft met die zoektocht waar we het eerder over hadden. Ik heb het gevoel nu dat ik er toe doe. Ik was altijd op zoek naar het gevoel om er toe te doen, en als leraar heb je dat echt. Gedurende het jaar is het een heel ondankbare taak; je bent alleen maar bezig om ze bij de les te houden. Net als in de zorg; mensen spugen alleen maar op je. Ze zijn niet dankbaar, maar je doet wel echt iets voor ze. Bij de diploma-uitreiking vorig jaar stonden mensen letterlijk in de rij om me te bedanken. Dat maakt het echt super worth it, echt fantastisch.

Als jij je ergens op stort, dan ga je er ook echt voor he.
Ik ben best wel goed in heel veel verschillende dingen. Het is soms moeilijk om te herinneren wat ik allemaal heb gedaan. Ik zou in mijn boekenkast moeten kijken wat er allemaal staat. Ik ging ook altijd helemaal los, dan kocht ik ook direct van alles. Vroeger stortte ik me volledig op alles waarbij ik het idee had dat ik er goed in kon worden. Soms was dat twee maanden, soms was het drie of vijf jaar. Compleet geobsedeerd door één ding.

Als je iemand zou moeten karakteriseren met een ding wat hij kan, dan is tekenen hetgene voor mij. Echt sinds ik leef; ik kon eerder tekenen dan ik kon lopen. Dat is wat ik echt kan, en waar ik elke keer op terugkom. Een ander ding waar ik altijd wel weer bij uit kwam was wiskunde. En poker is natuurlijk ook een hele tijd een fascinatie van me geweest. Ik heb ook nog gepoold in het verleden trouwens. Ik sport nu ook heel veel; ik doe Braziliaans jiu-jitsu.

Op zich wel handig, want ik kan nu best wel veel en ik heb ook best wel veel gedaan. Ik moest onlangs bij een sollicitatie mijn cv nog uitleggen. Nou, dan staan ze echt te klapperen met de oren. 'Wat heb jij allemaal gedaan vriend?' Van alles!

Het is nu wat rustiger in de zin dat ik nog heen en weer stuiter tussen een paar dingetjes: wiskunde, sport, en tekenen. En die zijn allemaal handig voor mijn leven. Dat is niet meer zo desastreus.

Tekenen is een hobby?
Ik probeer op dit moment een beetje in te cashen op mijn talenten. Ik ben goed in schrijven en dat gebruik ik bij het lesgeven. Ik ben goed in tekenen en ook dat komt terug bij het voor de klas staan. Ik maak af en toe wat stripjes voor mijn leerlingen en ik maak presentaties als tekeningen op mijn bord zodat ik dingen beter kan uitleggen.

Ik teken niet heel vaak. Dan teken ik weer een tijdje, en dan bijvoorbeeld weer een jaar niet. Mijn ontwikkeling in tekenen gaat langzaam daardoor. Laatst heb ik een pagina afgemaakt. Het heeft echt twintig jaar geduurd voordat ik die pagina eruit heb gekregen. Die pagina heb ik in twee dagen getekend hoor haha, maar het was twintig jaar oefenen en zwoegen voordat ik op het niveau zat om zo te kunnen tekenen. Het is wel fijn om hem af te hebben. Überhaupt om een tekening af te maken is voor mij al uniek. Dat begint de laatste tijd steeds vaker voor te komen. Op mijn facebook-pagina zie je ook dat ik steeds meer dingen afmaak.

Wie weet kan ik ooit eens een strip maken en op de een of andere manier wat centjes verdienen met strippies of portretten tekenen. Als ik dáár ook nog geld mee kan verdienen, dan ben ik voor mijn leven klaar. Als je van je hobby je werk kan maken, hoef je nooit meer te werken. Dat is bij mij al bijna het geval, maar met het tekenen erbij ben ik echt klaar.

En je maakt ook YouTube filmpjes met wiskunde-uitleg zag ik.
Ja ook nog, dat is ook weer iets. Ik ben goed in uitleggen, dus dat probeer ik een plek te geven. Ik moet daar nog wel een slag in slaan. Als ik mijn leerlingen in de klas iets niet uitgelegd krijg dan maak ik een filmpje. Maar ik maak ook wel eens iets voor mijn klasgenoten. Zo heb ik een filmpje over analyse in twee dimensies. En ik heb ook wel eens een filmpje gemaakt hoe je een derdegraadsvergelijking oplost. Een vriend van me, die natuurkundige is, die vroeg zich dat af. En dan maak ik dat. Ik doe helemaal geen moeite voor die filmpjes, het zijn low quality filmpjes in vergelijking met wat er beschikbaar is. Maar als mensen er iets aan hebben dan ben ik blij.

En ondertussen jongleer je dat allemaal met een huishouden met kids.
Ja, en dus een opleiding. Ik kan wel zeggen dat ik het redelijk zwaar heb. Het verschil is dat ik het allemaal heel leuk vind, dus dan wordt het dragelijk.

Toen ik pokerde was ik een ander mens. Ik kijk op mezelf terug en denk echt 'Wat een douchebag was ik'. Ik had ook van die jankverhalen op PokerNews en weet ik veel waar allemaal, echt vreselijk, heel gênant. Maar het is gebeurd en ik kan het niet meer terugdraaien. Ik kan er wel om lachen tegenwoordig, dus dat is wel mooi. Ik ben wel echt een heel ander mens geworden.

Maar als je terugkijkt, hoewel wellicht met gène, is poker wel een mooi hoofdstuk uit je leven toch? Of is het er eentje die je liever zou willen wegscheuren?
Poker zelf is heel mooi. Nee, ik zou geen hoofdstuk willen wegscheuren uit mijn leven. Alles tekent je als mens. Alle fouten die ik toen heb gemaakt, die maak ik nu niet meer. En laten we niet vergeten; het allermooiste van die tijd - het spelen zelf - is heel mooi geweest. Het spelen met die jongens.

De aller toughste en aller leukste game die ik ooit heb gespeeld is de homegame waar ik ben begonnen. Dat was een supergezellige game, we speelden jarenlang bijna wekelijks. Op PokerInfo waren die jongens waar ik mee speelde wel een soort van bekend, maar ze hebben verder nooit echt in de spotlight gestaan. Het was een best taaie game, en super gezellig. Die game mis ik af en toe nog wel. Poker zelf mis ik niet echt. Ik heb al vijf jaar geen kaart meer aangeraakt. Maar die game mis ik wel.

Komt poker nog wel eens terug in je leven? Vragen mensen je er nog wel eens naar?
Voor de klas vertel ik wel eens dat ik gepokerd heb, en dat vinden ze allemaal heel tof. Dan gaan ze mij googelen. Mensen googelen alles tegenwoordig. Als ze mij googelen zien ze twee dingen; mijn adres die de Kamer van Koophandel daar gortig heeft verspreid, en het feit dat ik gepokerd heb. 'Meneer, heeft u gepokerd? Echt waar?' Maar verder wordt er niet naar gevraagd. Uiteindelijk was ik ook weer niet zo bekend natuurlijk, binnen het pokerwereldje was ik niet echt een heavy-weight ofzo.



Life after Poker – Leroy Soesman is nu wiskundeleraar 101

Vegas Voyage foto's met dank aan Janine Kepel, mede-kandidaat van Leroy Soesman

Comments

  • Kracht_Tonen Kracht_Tonen

    Ik heb tegenwoordig weer meer plezier in poker vooral. Dat helpt. Resultaten komen dan ook vanzelf zo lijkt het.

  • [user124442] [user124442]

    Kracht_Tonen schreef

    Erg sterk interview, heel open en eerlijk van Leroy. Mooie antwoorden en goede reflectie op de pokerwereld ook. Met name onderstaande quote sprak me erg aan.

    Financieel gezien is het geen stap omhoog geweest. Alles wat ik na poker heb gedaan trouwens niet. Financieel was het downhill from there, maar uphill qua quality of life - dus dat is het zeker meer dan waard. Ik heb zo weinig stress vergeleken met toen ik pokerde. Ik heb het idee dat pokerspelers in een perpetual state of stress verkeren. Die verliezen doen toch wat met je, hoe goed je ook bent en hoeveel je ook hebt gewonnen. Al die bad beats, al die onrechtvaardigheid bij poker, dat is echt heavy.

    Ik haal steeds minder voldoening uit poker en vraag me vaak af of ik er qua quality of life op vooruit zou gaan als ik zou stoppen. Zeker omdat het alsmaar zwaarder, minder rendabel en simpelweg minder leuk lijkt te worden. Het valt me sowieso op dat zo'n beetje alle geïnterviewden tot nu toe geen spijt hebben van hun beslissing. Stof tot nadenken.

    Heb je toch mooi omgedraaid Mark. Smile @Kracht_Tonen

  • DonBartos DonBartos

    GodsFamousG schreef

    Nog een kleine Wiskunde-vraag

    Een tilted deelnemer van Vegas Voyage wil een palmboom met een omtrek van 40 cm omtrappen. Hoe hard moet hij op tilt zodat dit hem in 1 poging gaat lukken?

    Laugh

Lees 33 reactie(s) op dit artikel

Wat denk jij?
Registreer je om een reactie achter te laten of login met facebook

LEES MEER

Andere Artikelen