Now Live Unibet Open Kopenhagen

Interview Sander Collewijn, auteur van pokerboek 'All-In'

Sander Collewijn All-In

In de tijd voor Black Friday leek poker een wereld van eindeloze gouden bergen. Hoewel spelers ook toen al klaagden over het alsmaar hoger wordende niveau, leek er voor pokersites geen einde te kunnen komen aan nieuwe spelers. Ze moesten er wel wat voor doen natuurlijk; het vuurtje moest aangewakkerd blijven worden, mensen moesten poker onder de neus geschoven blijven krijgen.

Nederlandse diehards fans werden bereikt met live reporting van grote events en pokeruitzendingen op televisie, maar de rest van het land had een andere aanpak nodig. PokerStars ging daarom een samenwerking aan met De Telegraaf die een aparte sectie van Telesport inrichtte voor poker. Dan moest er wel content zijn natuurlijk, en die moest komen van een ervaren journalist.

Freelance journalist Sander Collewijn accepteerde deze opdracht. Eerst voor twee dagen per week, maar dat breidde zich al snel uit naar meer. Zo zat Collewijn plotseling in het vliegtuig naar EPT Londen, terwijl hij via het Pokerkampioenschap van Nederland probeerde zijn nieuwe wereld en het pokerspel beter te begrijpen. Maar de journalist die onder andere werkt voor Het Parool, het Algemeen Dagblad en Hockey.nl wist wel iets van schrijven. En met gezonde interesse en genoeg ervaring in de media maakte hij zich op voor een ontdekkingstocht door een nieuwe wereld.

Interview Sander Collewijn, auteur van pokerboek 'All-In' 101
Sander met cameraman Thomas Sykora in Kopenhagen (links) en met Ruben Visser en Jasper Wetemans in Barcelona (rechts)

Hoeren aan het zwembad, inspiratie voor een boek

Hoewel Collewijn begon als totale beginner, wist hij snel zijn draai in de pokerwereld te vinden. Na trips naar diverse European Poker Tour toernooien maakte hij de oversteek naar Las Vegas waar de World Series of Poker aan de gang was. Waar tegenwoordig maar weinig Nederlanders in actie komen door de niet te verrekenen belasting op live toernooien buiten de Europese Unie, was het toen nog volop feest. Een hele groep Nederlanders deelden een huis en Collewijn kende ze vrijwel allemaal.

Terwijl hij een biertje dronk, speelde er zich even verderop een tafereel af dat hem deed realiseren dat hij een boek moest gaan schrijven. Er kwamen namelijk dames binnenlopen, volgens Collewijn hoeren terwijl andere aanwezigen erbij blijven dat het strippers waren. "Toen had ik voor het eerst echt zoiets van 'ik zit hier maar ik hoor hier niet. Dit is té bizar!"

Collewijn beschreef het tafereel tot in detail. Het hoofdstuk zou uiteindelijk de proloog worden van het boek. Wij publiceerden gister als preview dit hoofdstuk op PokerNews.nl.

"DIT VERHAAL IS ECHT TE BIZAR, DIT MOET IK VERTELLEN."

Bizar was het misschien, maar ook afschrikwekkend voor Collewijn die zich ongemakkelijk voelde en het huis verliet. "Ik kon wel prima met iedereen een biertje drinken tot dat moment, maar bij dat tafereel bij het zwembad voelde ik me niet op mijn gemak. Ik vond het echt vaag. Dat was voor het eerst dat er in iets bij mij opborrelde dat ik er er iets mee moest doen. Verder heb ik het wel heel leuk met die jongens gehad in Vegas. Dit was een momentopname, maar het was een moment dat ik dacht: 'dit verhaal is echt te bizar, dit moet ik vertellen. '"

Aantekeningen maakte Collewijn niet. Hij schreef alles een paar jaar later op onderwijl gravend in zijn geheugen. Het hielp dat hij toegang had tot het systeem waarin alle oude artikelen van de Telegraafsite stonden. Er werd hem verteld dat die site offline stond, maar toen hij de oude url intypte van het systeem waarin hij toen werkte, kon hij alle artikelen weer lezen. Dat bracht alle herinneringen weer naar boven.

De keuze waarover hij langer twijfelde toen hij het boek ging schrijven, was de vorm. Een roman lag voor de hand, maar een beschrijving van zijn ervaringen was logischer. "Ik wist nooit zo goed hoe ik het moest opschrijven. Moet ik het nou vanuit mezelf schrijven? Dat vond ik aanvankelijk een beetje raar. Hoe schrijf je nou op dat je als ‘hockeykakkertje’ – zoals ik het maar noem, want ik kom echt meer uit de hockeywereld - in een totaal andere bizarre wereld komt die je totaal niet kent?"

Na zelf wat geschreven te hebben over Vegas, kwam hij via collega journalisten in contact met een literair agent. Die vroeg Sander het een en ander op papier te zetten en op te sturen. Collewijn schreef onder andere de scene in het zwembad waar een huis met vijftig Nederlandse pokerwereld aangevuld wordt met enkele dames van plezier. "Ik heb zelf lopen schaven en het aan niemand laten lezen. Ik wilde het op de een of andere manier in eerste instantie alleen maar voor mezelf houden. Ik wist ook niet wat ik moest verwachten. Ik dacht dat ze het misschien wel echt heel slecht zouden vinden.”

Die ongerustheid bleek onterecht, de literair agent was geïnteresseerd en vroeg zijn kersverse cliënt zo’n 25 A4 te schrijven, samen met een hoofdstukindeling, synopsis en een brief erbij hoe hij het zou gaan aanpakken. Met dat pak papier ging de agent naar diverse uitgeverijen. De response was niets minder dan enthousiast; "Binnen een paar dagen waren er al vier uitgeverijen die geïnteresseerd waren. Ik was door het dolle! Uiteindelijk was Ambo | Anthos voor mij de beste keuze. Het ondertekenen van het contract was een mooi moment. Een paar maanden later stond ik op de auteursborrel op de Herengracht naast Herman Koch en sprak ik allemaal andere schrijvers."

Interview Sander Collewijn, auteur van pokerboek 'All-In' 102
Sander met Vanessa Rousso (links) en Marcel Lüske op de Bahamas (rechts) en met Chris Moneymaker in Las Vegas (midden)

Eigen perspectief

Met de beslissing om het verhaal op te schrijven vanuit eigen ervaring, en niet als roman met het verhaal van een fictief persoon, kwam de volgende grote beslissing: echte namen of werken met aliassen? Hoewel het geen "schandalenboek" is, staan er wel details in die misschien niet al te flatteus zijn voor bepaalde betrokkenen. Uiteindelijk koos Collewijn voor een mengproduct; de pokerspelers bekend bij het grote publiek zoals Fatima Moreira de Melo en Marcel Lüske werden bij hun echte naam genoemd, terwijl de rest een alias kreeg.

Het was wat de uitgeverij samen met Collewijn bedacht had. "Ik denk dat het zo het beste is. Sterker nog, ik denk dat het bijna niet anders kan." Met het noemen van echte namen zou hij meer schade dan goed doen, vindt Collewijn: "Mensen kennen Boris Becker, maar namen van pokerspelers die jij en ik kennen, kent het grote publiek toch niet. Dus vond ik het anonimiseren van de meeste spelers heel logisch. Ik zou het lastig vinden om echt vervelende verhalen op te schrijven onder hun eigen naam. Wat dat betreft is het nog anders als je iedereen van tevoren vertelt dat je een verhaal gaat schrijven, zodat iedereen weet dat hij geciteerd kan worden of zichzelf terug kan lezen. Dat was nu natuurlijk niet zo."

"IK ZOU HET LASTIG VINDEN OM ECHT VERVELENDE VERHALEN OP TE SCHRIJVEN ONDER HUN EIGEN NAAM."

Eén zeer ervaren pokerspeler las het gehele boek en voorzag Collewijn van waardevolle tips. Niet alleen aanwijzingen over feitelijkheden waar hij bij aanwezig was geweest, maar ook opmerkingen in meer algemene zin over het boek. Een andere pokerspeler kreeg het hoofdstuk te lezen dat over hem ging. Verder was het enkel en alleen Collewijn en zijn redactrice die het boek vormgaven.

Een andere afweging die Collewijn diende te maken, was de vraag in hoeverre hij het boek zou doorspekken met vaktaal. Zou hij er te weinig van gebruiken dan zou geen enkele pokerspeler het boek serieus nemen, zou hij teveel gebruiken dan zou de massa afhaken. Collewijn vond een balans door veel te overleggen met zijn redactrice.

Hoewel zijn redactrice de blik vertegenwoordigde van iemand die het boek zou lezen zonder kennis van het spel, wist Sander inmiddels zelf genoeg om de andere kant van het debat inspraak te geven. "Ik wilde wel de essentie van het spel er proberen in te krijgen, en wilde niet te oppervlakkig over het spel schrijven zodat het spel bijzaak zou worden. Ik ben al heel lang sportjournalist. De essentie van de sport en in dit geval poker, daar gaat het met mij om. Het is natuurlijk lastig om niet te technisch te worden, maar het was voor mij geen optie om het spel, de verschillende pokerhanden, en het gevoel dat je hebt als je een spannende hand aan het spelen bent, die adrenaline, buiten het boek te laten. Ik vind poker als spel gewoon mooi en dat moest en zou in het boek."

Schrijven is schrappen, weet Collewijn. Zo schreef hij een heel hoofdstuk over een trip naar Berlijn toen hij al niet meer voor PokerStars/De Telegraaf werkte, dat het boek uiteindelijk niet haalde. Hij ging als railbird mee met Jasper Wetemans, Michiel Brummelhuis en Ruben Visser. Hij haalde sushi voor ze in de break en samen gingen ze naar de Berghain, een van de lastigste clubs om binnen te komen.

Zelf dacht hij dat hij met dat hoofdstuk nog meer kon tonen dat hij langzaam was veranderd van enorme beginneling met een wat afstandelijke houding in de pokerwereld, naar iets anders. Maar de uitgeverij vond het 'mosterd na de maaltijd' en uiteindelijk was Collewijn het daarmee eens. "Het is mijn boek. Maar ik ben wel iemand die zijn eerste boek schrijft. Zij zijn degeen die mij proberen te begeleiden en er met hun ervaring voor hebben gezorgd dat het een zo goed mogelijk boek is geworden. Zij hebben mij heel veel beter gemaakt. Als journalist leer je altijd dat schrappen vaak beter is dan vasthouden aan stukken waarover je twijfelt. Ik heb elementen van dat hoofdstuk wel gebruikt in andere stukken. Maar pas nu ik het er met je over heb, weet ik weer dat het een van de moeilijkste beslissingen was tijdens het afronden van het boek."

Niet alleen schrapte hij een hoofdstuk, na overleg werd ook de titel aangepast. 'All-in' prijkt er nu op de cover, maar Collewijn had zelf een ander idee: 'Toen kwam de flop' was de werktitel, toen hij ooit wat pagina’s schreef over Vegas. "Dat vond ik zelf wel leuk omdat het een beetje dubbelzinnig is. Nog een beetje in de trant van de oude blogs van Peter Dalhuijsen met zijn flop-komt-verhalen. Ik vond het zelf wel grappig omdat het beschrijft hoe ik in het poker zit. Maar dubbelzinnige titels verkopen uiteraard minder dus wat dat betreft is deze titel een stuk beter. Dit was al een paar weken nadat ik tekende bij de uitgeverij met elkaar zo beslist. Als je nu ook de titel, subtitel en het omslag ziet, begrijp je het meteen. Het totaalplaatje klopt in mijn ogen."

Interview Sander Collewijn, auteur van pokerboek 'All-In' 103
Marcel Lüske ontving het eerste exemplaar tijdens de feestelijke boekpresentatie in Holland Casino Amsterdam
Interview Sander Collewijn, auteur van pokerboek 'All-In' 104
Jasper Wetemans, Ruben Visser, Hans Sybrandi, Michiel Brummelhuis, Sander Collewijn en Joep van den Bijgaart

Feest der herkenning

Het boek is een feest der herkenning geworden voor geoefende pokerspelers, maar is ook een goed cadeau voor mensen die een stuk minder kaas hebben gegeten van het spel maar wel benieuwd zijn. Wat je denkt over het pokerwereldje na het lezen van het boek, hangt waarschijnlijk af van je eigen achtergrond. Er staan zaken in die menig wenkbrauw zal doen fronsen, maar sommige hoofdstukken kunnen ook geïnterpreteerd worden als lofzang voor poker.

"Het hangt van de persoon af. Ik denk dat sommige mensen echt heel enthousiast raken over poker. Anderen, zoals de Parool-journalist die mij interviewde, was minder enthousiast over de pokerwereld. Die zei dat hij, na het lezen van mijn boek, niet zou willen dat zijn zoon heel veel zou gaan pokeren. Ik denk dat iedereen er iets anders uit pakt."

"Als je rijk wilt worden, moet je sowieso geen boeken gaan schrijven!"

"Ik vind het in ieder geval prettig, en ik weet niet of het komt omdat die redacteuren mijn boek hebben gelezen, dat ik in de krant en op de radio een normaal beeld kon geven van het poker. Met plek voor de mooie en lelijke kanten van het spel. Jaren geleden was dat soms moeilijker, toen was het toch altijd: poker is gokken. Hopelijk is die kortzichtigheid voorbij."

Voor Collewijn zelf is het minstens net zo dubbel. Enerzijds vindt hij poker een fantastisch spel en de wereld vol karakters eindeloos fascinerend, anderzijds voelde hij zich er ook niet helemaal in thuis. "Het spel vind ik geweldig en sommige mensen uit de pokerwereld mag ik graag maar er zijn ook tijden geweest, zeker in het begin, dat ik me er echt niet op mijn gemak voelde. Soms was het toch een wereld die niet bij mij paste. Maar goed, hoe die ontwikkeling van mijn persoon verloopt kun je lezen in het boek."

Zelf pokerde Collewijn soms een beetje online, maar de laatste tijd niet heel veel. Als beloning voor het voltooien van zijn boek mocht hij van zichzelf wel de €550 bounty spelen bij de Master Classics of Poker, overigens voor de helft gebackt. Van 96 spelers werd hij prompt zevende.

Hij vertelt in Amsterdam eerlijk dat hij, mocht hij honderd keer zo’n side-event spelen, de kans dat hij de finaletafel haalt natuurlijk klein zou zijn. Maar die finatafel heeft er wel voor gezorgd dat hij vaker live toernooien wil gaan spelen.

In totaal is Collewijn drie jaar met het schrijven van het boek bezig geweest, naast zijn andere schrijfwerk. Over het aantal uur dat erin zit durft hij niet eens na te denken maar de boodschap is duidelijk; "Als je rijk wilt worden, moet je sowieso geen boeken gaan schrijven!", lacht hij. Tot diep in de nacht zat hij achter zijn computer in Amsterdam te tikken aan het verhaal van zijn ontdekkingstocht. Soms speelde hij er pokertoernooitjes online naast. Dat vond hij goed te combineren. "Zeker om het hele pokergevoel te doorleven tijdens het schrijven." Wel met een HUD natuurlijk, zodat hij niet de hele tijd hoefde op te letten.

"Een boek schrijven is wel heel eenzaam, wat dat betreft zou ik het niet aanraden. Je zit in je eentje te strijden in je hoofd terwijl je alleen maar achter de computer zit. Wat dat betreft is het net online pokeren; eenzaam en met nogal wat mentale swings. Soms het mooiste wat er is. Soms een plicht."

Zou hij het weer zo doen? "Ja, honderd procent zeker. Het voelde als een droom toen ik het eerste exemplaar in handen had. Ik wist ook hoe hard ik ervoor had gewerkt. Dit verhaal moest ik gewoon vertellen. Zo voelt het."

Interview Sander Collewijn, auteur van pokerboek 'All-In' 105

Wat Sander Collewijn jaren van zijn leven heeft "gekost", kun jij in een paar dagen uitlezen. Het boek telt zo’n 75.000 woorden. De paperback heeft 263 pagina's, inclusief zeven pagina's pokerlexicon, drie pagina's met de uitleg van de pokerspelregels en een pagina met de handwaarden.

'All-In, een reis door de wereld van het poker' is inmiddels overal te koop.


Deel een pokeranekdote en win 'All-In, een reis door de wereld van het poker'!

In samenwerking met Sander Collewijn en uitgeverij Ambo | Anthos mogen wij vijf keer het pokerboek 'All-In, een reis door de wereld van het poker' weggeven. Het enige dat je daarvoor hoeft te doen is je favoriete pokeranekdote delen met ons.

Zet je grootste bad beat, het meest bizarre wat je aan een live pokertafel hebt meegemaakt of je vetste overwinning online, op papier, en wie weet ploft het boek binnenkort bij jou op de mat!

De vijf best beschreven anekdotes winnen het boek, met Sander Collewijn en Frank Op de Woerd als onpartijdige juryleden. Reageer in de comments hieronder, of post het als reactie bij het bijbehorende Facebook-bericht.


Interview Sander Collewijn, auteur van pokerboek 'All-In' 106

LEES MEER

Comments

  • ohme_ohmy ohme_ohmy

    En dan zelf overal als een hoer op de foto staan..

  • JRWOOD75 JRWOOD75

    De Telegraaf moehaha

  • Cleuless Cleuless

    Bizar was het misschien, maar ook afschrikwekkend voor Collewijn die zich ongemakkelijk voelde en het huis verliet. dan gaat het hier om wat dames lol GAAAYYYYY

Lees 3 reactie(s) op dit artikel

Wat denk jij?
Registreer je om een reactie achter te laten of login met facebook